Jösse Älv tocht


Een 6 daagse kanotocht vanuit kanocentrum Arvika

Jösseälv kanotocht
Klik op kaartje voor interactieve map

Lengte:
110 kilometer

Landtransporten:
15 stuks waarvan de helft kort.

Proviandinkoop:
Kanocentrale, Austmarka, Fosshaug, Gunnarskog, Ottebol.

Algemeen
De bron van de Jösse rivier is het meer Lomsen, in west-Värmlands Finnskog. Veel overblijfselen van de Finse cultuur. De rivier loopt verder door een gedeelte van Noorwegen bij Mitandersfors en komt terug in Zweden bij Håvilsrud, om daarna zuidwaarts door Gunnarskog bij Jössefors in Glafsfjorden uit te lopen. De tocht kan de hele zomer door gepeddeld worden en gecombineerd worden met de Köla-tocht of Glaskogentocht. Jösserivier kan ook in 2 weken gepeddeld worden en is vrij licht. Een paar landtransporten zijn wat zwaarder. Je wordt weggebracht met een bus 80 kilometer noordelijker, waarna je terug kanoot naar het kanocentrum. Een zeer mooie tocht, veelal stroomafwaarts over niet te brede rivieren en meren. Zo zie je veel van de omgeving.

We rijden met de auto op 30 juli 1998 om 18.30 uur uit Nederland weg en zijn om 11.30 uur, de volgende dag, bij camping “Ingestrand” in Arvika (Zweden). Naast de camping is het “Kanot & Toeristcenter”. Nadat we onze tent hebben opgezet, gaan we ons melden voor de kanotocht. We hebben een kano gereserveerd via internet. We krijgen alvast een routekaart en uitleg over de route. We huren een pakton en een proviandkist, deze krijgen we alvast mee, zodat we deze in kunnen vullen. De volgende morgen vertrekken we om 10.00 uur vanaf het kanocentrum.

Dag 1
Zaterdag 1 augustus

10.00 uur blijkt 11.15 uur te worden, maar dan rijden we weg met de tweede bus. Die brengt ons 80 kilometer noordelijker, naar het beginpunt van onze kanotocht “Jösse Älv”. Net voordat we aankomen begint het te stortregenen. We blijven nog even in de bus zitten. Het merendeel van de mensen van de bus van 10.00 uur zijn in de regen de kano aan het pakken.
Na de regen volgt er een korte instructie over de omgang met de kano en de rest van het materiaal. We eten even terwijl we wachten op ons materiaal. Om 14.00 uur zijn we dan eindelijk onderweg. Iedereen gaat zijn eigen weg. De natuur is meteen schitterend en het weer is ook prima. We vergeten dan meteen de regen. We zetten onderweg koffie en thee. Het tweede landtransport is best lastig, maar er passeert net een groep van 10 personen uit Gemert welke ons een handje hielpen. Daardoor hoeven we de kano niet uit te laden.
We varen door een rivier omgeven door moerassige oevers. Om 17.30 uur vinden we een mooi kampeerplaatsje, met bomen, harde ondergrond en een stookplaats, net voor de grens met Noorwegen.

Dag 2
Zondag 2 augustus

Vandaag gaan we 18 kilometer kanoën. Als we opstaan regent het, maar gelukkig haebben we het zeiltje voor de tent gespannen waar we onder kunnen eten en de spullen inpakken. We kanoën nu snel Noorwegen in. Het blijft wisselvallig weer, met regen en veel wind. ’s Middags wordt het iets beter en om ± 16.00 uur komen we bij een eilandje met een mooi kiezelstrand, uit de wind, hout om te stoken en boomstammetjes om op te zitten. We maken ’s avonds een vuur en roosteren daar worstjes.

Dag4
Dinsdag 4 augustus

Bij het opstaan regent het. We hebben geen goed jaar qua weer. Het zou sinds 1972 niet meer zo veel geregend hebben in Zweden, aldus de campinghouder. Met jas en regencape aan gaan we verder. Gedurende de dag wordt het weer beter en kanoën we in T-shirt. De route is mooi. Na een landtransport en een groot meer leggen we aan bij een supermarkt. Hier kopen we brood, ijs en bier. Er volgt een stroomversnelling. Hierbij is het opletten voor de stenen. Als je hier op komt te liggen met je kano kun je omslaan. Vandaar dat alles met een touw is vast gemaakt aan de kano. Mocht je omslaan ben je niet alles kwijt maar kun je het naar de kant brengen. Alleen de spullen in de proviandkist zullen dan nat worden.
We komen aan bij het eiland waar we willen overnachten en volgens de kaart een schuilhutje op zou moeten staan. Er is alleen een grasveldje en een stookplaats. De bomen rondom houden alle wind weg. Dit was prettig. We wassen ons zoals gewoonlijk in het meer. Er willen vier personen, geheel tegen het gebruik in Zweden, ook nog aanleggen. Bij nader inzien willen de twee dochters van het echtpaar toch een ander plekje gaan zoeken. Op het eiland zien we doorgeknaagde bomen; van de bevers zelf natuurlijk geen spoor. Het leuke in Zweden is elke avond het kampvuur. We roosteren hierop worstjes. De zon gaat om half elf onder.

Dag 3
Maandag 3 augustus

De zon schijnt als we opstaan. We ontbijten en laden alles weer in de kano. We vertrekken in korte broek, T-shirt en met zonnebril. Het duurt niet lang of de zon is weg. Nog wat later begint het te waaien en wordt het flink frisser. We halen een groep in van 10 personen met een gids van het kanocentrum. We komen tijdens een landtransport door het dorp Austmarka, waar een supermarkt is. Hier doen we inkopen. Later passeren we ook weer de groep uit Gemert. Die lunchen op een picknickbank. Om al deze groepen voor te zijn, omdat ze tijdens landtransport voor vertraging zorgen, eten we deze keer snel en gaan dan weer verder. Na wat motregen komen we om 16.00 uur aan bij een veldje met een schuilhut. We varen eerst voorbij omdat we denken dat er nog een hutje komt. De 700 meter tegen de stroming terugvaren valt dan best tegen. De Jösse Älv is een tocht die alleen maar stroomafwaarts gaat. Dit merk je niet totdat je een keer tegen de stroming in moet. Het veldje is wat sompig en loopt schuin. We vinden een plekje dat nog redelijk vlak is voor de tent. Wassen is hier lastig door het ondiepe, modderige kanaaltje wat naar het schuilhutje loopt. Dat slaan we dus maar een keer over. Het schuilhutje is wel goed, er ligt zelfs tapijt in en er is droog stookhout. Later komt de eigenaar van de verderop gelegen camping. Hij vertelt dat kamperen hier 15 kronen (4 gulden) per persoon kost. We kunnen bij hem vers water krijgen, hij heeft ook een sauna. Hier maken we geen gebruik van. Er varen een aantal kano’s voorbij die waarschijnlijk naar de camping gaan. Het waait en regent dan weer. We maken ’s avonds brood van een half pak broodmix en bakken dat aan onze meegebrachte bamboestokjes. Dit gaat heel goed en smaakt bovendien erg lekker. De gids van de groep van 10 komt nog even buurten. Zij hebben bij de camping 700 meter verderop aangelegd. Hij vertelt over zijn groep. Er zit een echtpaar bij waarvan de vrouw nogal afgeeft op haar man. Zij wil liever in Spanje lekker lui op het strand liggen en vond, nu ze er is, het idee van haar man om te gaan kanoën in Zweden helemaal niet leuk. Al dat gesleep met een kano vind ze maar niets. Het verblijf in zo’n schuilhutje is prettig. We zitten er droog en uit de wind. Bovendien kunnen we daar een aantal spullen laten liggen, welke je de volgende dag weer nodig hebt. Er komt toch niemand. Dat is de rust in Zweden.

Dag 5
Woensdag 5 augustus
Landtransport

De dag begint met zon, al is de temperatuur niet zo hoog ± 16 graden. Na 5,5 kilometer kanoën is er een landtransport en weer een winkel. Die zijn er tijdens deze tocht veel meer dan op de Glaskogen. We weten niet of we 1 of nog 2 dagen gaan kanoën en nemen daarom nog wat extra brood mee. Na 17 kilometer komen we aan bij een mooi plekje net na een meer in de mond van een riviertje (± 15 meter breed en vol met bomen aan allebei de kanten). Er is ook een schuilhutje. Het is dan 14.00 uur maar we hebben vakantie en dus alle tijd. Bij de stookplaats ligt ook een rooster. Hier bereiden we onze barbecueworst op voor het eten. Is extra lekker en een vak apart om de worst uit het vuur te houden. Na een aantal dagen vuur maken en stoken leer je wat je wel en niet moet doen. Het is ’s avonds windstil en we maken brood van broodmix rondom onze bamboestokjes. Dit gebruiken we de volgende dag.

Dag 6
Donderdag 6 augustus
Net na achten zitten we in de kano. Het duurt gemiddeld een uur om op te staan, wassen, tent opruimen, thee zetten, eten, alles inpakken en aan de kano vast maken. Het lijkt lang maar je hebt je handen er aan vol. Na een aantal dagen gaat het wel sneller. Je weet dan precies wat je allemaal moet doen en wat de beste volgorde is.

Het is zonnig en windstil. We zijn de eersten die op het water zijn. Dit zie je aan het water. Het water is dan net een spiegel zo stil. Als je er met je kano doorheen vaart verandert het hele meer weer in rimpels. Onvoorstelbaar!! We kanoën door een prachtig begroeide rivier waarna we nog het Glafsfjorden meer moeten oversteken. Dit is net als de vorige tocht lastig. Er staat vaak wind en de laatste 8 kilometer moet je in één keer afleggen, omdat het strand allemaal privé-terrein is. Ook vandaag waait het er behoorlijk en we hebben flinke golven. Soms komt er wat water de boot in. Het gaat echter vandaag zo snel dat we om 13.30 uur onze kano, nadat we deze schoon gemaakt hebben, afleveren bij het kanocentrum. Het eindpunt.
We zetten de tent op de camping daarnaast weer op. De eerste warme douche is na zo’n week extra lekker. We wassen de gebruikte kleding in de wasmachine. Door de stevige wind is de was in een mum van tijd weer droog. Deze hebben we weer nodig voor het wandelen van de Siljansleden. Een wandelroute van 280 kilometer rondom het Siljansmeer bij Mora 250 kilometer ten noordoosten van Arvika.

Geef een reactie